Als gepensioneerde is het erg verleidelijk naast je pensioen nog een centje bij te verdienen. Dit vormt geen enkel probleem, op voorwaarde dat je de bepaalde grensbedragen niet overschrijdt.
Ten eerste moeten we een onderscheid maken tussen het soort inkomsten dat je als gepensioneerde kunt ontvangen. Bepaalde inkomsten moet je beperken, op andere staat geen limiet.
Beroepsinkomsten moet je na je pensioen sterk aan banden leggen. We hebben het dan over inkomsten als wedden en lonen, bezoldigingen van bedrijfsleiders, bedrijfswinsten en baten bij een vrij beroep en inkomsten als zelfstandige.
Inkomsten die je onbeperkt mag bijverdienen, zijn bijvoorbeeld winsten en baten die nog voortvloeien uit een vroegere job als zelfstandige. Ook de inkomsten uit goederen, kapitalen en onroerende goederen worden vanzelfsprekend niet beperkt. Denk aan beleggingsopbrengsten, huurgelden, interesten, enz. Deze inkomsten kunnen je pensioen niet in gevaar brengen.
Als je beroepsinkomsten ontvangt, moet je ervoor zorgen dat deze de toegelaten bedragen niet overschrijden. Dit bedrag is afhankelijk van een aantal factoren, zoals of u eventueel kinderen ten laste heeft of u een rustpensioen of een overlevingspensioen ontvangt.
Als je de toegelaten grens met 15% overschrijdt, hoef je nog niet je volledige pensioen terug te betalen. Men trekt dan het percentage waarmee de grens is overschreden af van het uitbetaalde pensioen. Maar opgelet, als je de grens met meer dan 15% overschrijdt, wordt je volledige pensioen van dat jaar teruggevorderd.
De grenzen gelden enkel voor mensen die een rustpensioen ontvangen en mensen vanaf 65 jaar met een overlevingspensioen. Wie nog geen 65 is en een overlevingspensioen ontvangt, is onderworpen aan strengere regels.
Bruggepensioneerden zijn aan nog strengere regels onderworpen. In de meeste gevallen is het voor hen onmogelijk iets bij te verdienen, op enkele kleine uitzonderingen na. Als je als bruggepensioneerde toch iets wilt bijverdienen, verlies je het statuut van bruggepensioneerde en doe je afstand van je recht op werkloosheidsuitkering.
bijverdienen, pensioen Wil je graag naast je dagdagelijkse job op zelfstandige basis een ander beroep uitoefenen? Of wil je graag zelfstandige worden, maar vind je de onzekerheid maar niets? Zelfstandige in bijberoep ben je als je naast je zelfstandige activiteit ook een andere beroepsactiviteit (hoofberoep) uitoefent.
• Je moet in je activiteit als werknemer minstens een halftijdse job uitoefenen. Dat betekent dat je de helft van het aantal werkuren moet presteren van een voltijds werknemer in dezelfde sector.
• Als je tewerkgesteld bent in het onderwijs, moet je meer dan halftijds presteren. Je moet dan minstens 6/10 van een normaal lessenrooster voor je rekening nemen.
• Als je in de openbare sector werkt, moet je een job uitoefenen die zich minstens over 200 dagen of acht maanden uitstrekt.
Zelfstandigen in bijberoep hebben bepaalde verplichtingen ten aanzien van de sociale zekerheid. Zij moeten zich aansluiten bij een socialeverzekeringsfonds, daar bewijzen dat je een hoofdactiviteit uitvoert, sociale bijdragen betalen en je aansluiten bij een mutualiteit.
Binnen de 90 dagen na het begin van je werk als zelfstandige moet je je aansluiten bij een socialeverzekeringsfonds voor zelfstandigen. Als je dat niet doet, krijg je eerst een aanmaning. Daarna word je automatisch lid gemaakt van de Nationale Hulpkas van het RSVZ (Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen).
Als je binnen het jaar besluit te stoppen als zelfstandige, kun je bij de stopzetting het RSVZ vragen de bijdragen volledig of gedeeltelijk terug te betalen.
Normaal gezien betaal je als zelfstandige bijdragen op je netto-inkomen als zelfstandige drie jaar voordien. Maar aangezien beginnende zelfstandigen geen drie jaar kunnen teruggaan, betalen zijn minimumbijdragen per kwartaal. Die worden later aangepast naargelang hun inkomen.
Zelfstandigen in bijberoep moeten regelmatig hun BTW aangeven en de verschuldigde BTWbetalen. Als de inkomsten onder een bepaald bedrag blijven, krijg je een vrijstelling van de btw-betaling. In dat geval mag je ook geen btw meer aftrekken.
Voor de berekening van je belastingen telt men de inkomsten van je hoofd- en je bijberoep bij elkaar op. Zelfstandigen moeten ieder jaar voorafbetalingen doen, op basis van de inkomsten van je bijberoep.
Als je ontslagen wordt als loontrekkende mag je in bepaalde gevallen je bijberoep als zelfstandige blijven uitoefenen, maar enkel onder bepaalde voorwaarden. Werkte je drie maanden voor je ontslag als als zelfstandige in bijberoep, dan is er niets aan de hand. Met de berekening van je werkloosheidsuitkering moet je rekening houden met de inkomsten als zelfstandige in bijberoep.
Zelfstandigen in bijberoep moeten een eigen boekhouding bijhouden, afhankelijk van de omzet en de ondernemingsvorm.
bijberoep, bijverdienen, zelfstandig